‘Is het autobiografisch?’

Autobiografisch

Het is een vraag die ik vaak krijg. Soms voorzichtig, soms bijna beschuldigend. ‘Ben je niet bang dat mensen zichzelf herkennen in het boek?’ Ik moet daar altijd even over nadenken. Niet omdat ik het antwoord niet weet, maar omdat het antwoord eenvoudiger is dan mensen verwachten.

Mensen herkennen vooral zichzelf. Dat is het mooie. En tegelijk het lastige. We zijn geneigd te denken dat herkenning betekent dat iets letterlijk over ons gaat. Dat een personage een-op-een te herleiden is tot een bestaand mens.

Maar zo werkt schrijven voor mij niet. En volgens mij voor niemand. Niemand schrijft uit het niets. Wie fictie schrijft, leeft. En wie leeft, verzamelt. Gesprekken aan keukentafels. Zinnen die blijven hangen. Blikken die meer zeggen dan woorden. Verhalen van vrienden, familie, collega’s. Dingen die je leest in de krant en die je niet meer loslaten. Alles is een broodkruimel en al die broodkruimels vormen uiteindelijk een verhaal. Soms zonder dat je het doorhebt.

Ja, mijn boek raakt aan mijn eigen leven. Dat kan ook bijna niet anders. Ik schrijf vanuit wat ik ken, voel, heb doorleefd of van dichtbij heb gezien. Maar nee, het is geen autobiografie. Het is geen verslag. Geen reconstructie. Geen optelsom van ‘Dit gebeurde echt’.

Ik geloof heilig in de vrijheid van fictie. In het recht om te mengen. Te schuiven. Te verdichten. Ik heb vriendinnen samengevoegd tot één supervriendin. Karaktertrekken verplaatst. Situaties veranderd van volgorde, van toon, van afloop. Niet om mensen te verstoppen, maar om het verhaal eerlijker te maken.

Want soms is de waarheid niet wat er feitelijk gebeurde, maar wat het deed. Wat het losmaakte. Wat je voelde, maar toen nog niet kon benoemen. Dat is de laag waar ik schrijf.

Dus nee, je hoeft niet bij elke scène te denken: ‘Is dit echt gebeurd?’ Dat is niet de vraag die het boek wil stellen. De vragen die je jezelf moet stellen zijn eerder:

  • ‘Herken ik dit gevoel?’
  • ‘Ken ik dit patroon?’
  • ‘Heb ik dit ook weleens gedacht, maar nooit hardop gezegd?’

En als het antwoord ja is, dan zegt dat misschien meer over jou dan over mij.

En dan nog dit. Aan mijn lieve vrienden, exen, ouders, en iedereen die zichzelf of een ander denkt te herkennen: mocht ik je iets minder leuk, sexy, grappig, zacht of begripvol hebben neergezet dan je jezelf ervaart… dan is dat nooit persoonlijk.

Dat is omdat het verhaal daarom vroeg. Omdat spanning, frictie en schuring nodig zijn om iets zichtbaar te maken. Omdat een roman geen portret is, maar een beweging. Ik hou van jullie. Echt.

Maar in dit boek koos ik voor (de waarheid van) het verhaal. En ja, soms is die net iets ongemakkelijker dan de waarheid van het dagelijks leven.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *